
Kenmerken van het BAS
De kenmerken van het BAS overlappen met vele kenmerkenlijsten uit het DSM IV. Verwisseling met verschillende andere syndromen komt regelmatig voor. Door de psycholoog en de psychiater worden regelmatig incorrecte diagnoses gesteld, omdat BAS niet voorkomt in het DSM IV. Foute diagnoses leiden dan tot een niet passende therapie. Deze therapie lost de problemen vaak niet op, maar veroorzaakt soms zelfs verergering. De meest in het oogspringende kenmerken van BAS zijn:
Oppervlakkige hechting aan veel mensen, het kind is een soort "allemansvriendje". Dit is een grote valkuil, omdat de buitenwereld denkt dat het heel goed gaat met het kind, terwijl de problemen thuis onzichtbaar zijn. De juf op school noemt het kind "sociaal zeer vaardig", terwijl het thuis terreur uitoefent en moeder soms zelfs mishandelt.
Hecht gemakkelijk aan vreemden en spreekt anderen zomaar aan en raakt ze aan. Vreemden zijn geen bedreiging. Ouders die emotioneel te dichtbij komen zijn wel een bedreiging, daarom hecht het kind niet of moeizaam aan de ouder of pleegouder.
Vernielzuchtig, maakt dingen stuk om macht uit te oefenen, maar het komt voort uit onmacht
Maakt vaak geen oogcontact, dat confronteert te veel. Maar, als het kind liegt maakt het juist wel oogcontact !
Knuffelt niet met de ouders en willen niet aangeraakt worden
Ze kunnen wreed zijn naar dieren en kleine kinderen, ook hier vaak weer uit onmacht om dingen te voelen. Vaak is de gewetensontwikkeling sterk achtergebleven
Kan niet goed denken in oorzaak en gevolg. Ziet de gevolgen van het eigen handelen niet en geeft anderen altijd de schuld als er iets is gebeurd
Extreem claimend gedrag, hangt de hele dag aan de rokken van moeder of iemand anders, eist alle aandacht. Wordt die aandacht op een bepaald moment niet meer gegeven, dan wordt weer bevestigd dat volwassenen niet te vertrouwen zijn. Dan breekt de hel weer los
Stelen, vaak alleen maar om het stelen, niet om de waarde van iets, maar vanwege de veiligheid om iets te bezitten. Er is ook geen wroeging over de diefstal, omdat de ontwikkeling van het geweten niet goed op gang is gekomen. En, ze hebben die dingen toch gewoon nodig verklaren ze vaak
Liegen, ontkent fouten en probeert middels liegen de problemen op een afstand te houden. Ze kunnen extreem goed liegen en kijken je daarbij aan en vertrekken geen spier. De lichaamstaal beheersen ze perfect. Pokerface.
Ze zetten mensen tegen elkaar op (vader, moeder, hulpverlener en/of leerkracht) en krijgen hierdoor weer grip op de situatie. Het kan zelfs zover gaan, dat er valse beschuldigingen uit voortvloeien naar ouders, leerkrachten en hulpverleners
"De ander heeft het altijd gedaan", met het kind zelf is nooit iets mis
Het kind heeft geen geweten of gewetensontwikkeling, doet foute dingen en heeft hier geen spijt van, gewoon omdat het onmachtig is om te voelen
Kletst onzin, soms uren achtereen. Geen serieus onderwerp komt naar voren. Een soort rookscherm. Dit leidt af van de echte problemen. Als je ze steeds serieus aanspreekt op hun gedrag of gevoel, ervaren ze dit als een bedreiging
Geen impulscontrole. Zodra iets opkomt in het hoofd, moet het gebeuren. Gebeurt dat niet direct, dan is er stress en strijd. Bijvoorbeeld kinderen van 8 jaar die stampvoetend uren achtereen kunnen zeuren en schelden tegen de ouder dat ze naar de disco willen.
Ze maken vaak ruzie over alles. Boosheid roept boosheid op van de ander. Met boosheid en ruzie kunnen ze omgaan en ze kunnen dan stoom afblazen
Hamstert eten en verstopt dit. Veiligheid, niets tekortkomen, dat is de enige reden tot hamsteren
Ze dreigen soms met zelfmoord, puur om de ander te dwingen te doen wat zij willen, macht hebben is niet kwetsbaar zijn
Ze zijn soms geobsedeerd door vuur, geweld en bloed. Denk in dit verband ook aan gewelddadige films en computerspelletjes
Dwingt de ouders, gebruikmakend van ontlasting, zoals poep op de muren smeren, ontlasting eten, plassen in de kast enz.
Niet iemand kunnen liefhebben, het vlindergevoel in de buik nooit hebben gevoeld
Agressief
Vaak last van driftbuien en woede-uitbarstingen die soms uren kunnen duren en soms enkele malen per etmaal voorkomen
Hyperalertheid, dit leidt ertoe, dat ze niets willen missen, alles horen, zien, ruiken, willen voelen, willen weten. Deze alertheid is geboren uit angst.
Concentratiestoornis (mede als gevolg van hyperalertheid)
Slecht inslapen en/of doorslapen, vaak als gevolg van piekeren en hyperalertheid
Angst
Machogedrag als maskering van angst en onzekerheid. Bluffen, grootspraak en overdrijving
Of juist heel sociaal aanvaardbaar gedrag, om er maar bij te mogen horen en geaccepteerd te worden. Als de juf op school zegt dat ze wel 40 van deze kinderen in de klas kan hebben, moet je alert zijn
Angst voor veranderingen, ze oefenen de terreur van hun structuur op de omgeving uit. Hun wil is wet of anders . . . .
Opvoedkundige zaken die normaal zijn, werken niet voor deze kinderen. Zoals belonen en straffen, ze zijn hier ongevoelig voor
Deze omschrijving is nog niet compleet.
Gradaties:
Binnen de omschrijving van BAS komen veel verschillende gradaties voor. Soms mild en soms heel extreem. Uit de praktijk blijkt, dat de meeste TBS patiënten (opgenomen in een justitiële inrichting), lijden aan een vorm van het BAS. Men hoeft dus echt niet te voldoen aan alle bovenstaande criteria, slechts enkelen kunnen al voldoende zijn. BAS is ook geen diagnose, maar een "Umfeld" van criteria. Daarmee bedoelen wij een "tuin vol kenmerken", maar je hoeft niet alle kenmerken te hebben om in de tuin thuis te horen.
Conclusie:
Al de criteria/gedragingen uit bovenstaande lijst doet het kind maar om 1 reden. Die reden is: de ouder testen of die nog voldoende van hem/haar houdt om hem ondanks dit gedrag nog lief te hebben. Als de ouder boos wordt, wordt de afwijzing steeds opnieuw bevestigd, dat het dus nog onveilig is om te hechten aan deze ouder. De weerstand zal toenemen. Blijft de ouder echter lief en geduldig reageren, dan zal het kind steeds ernstiger zaken uit gaan halen, om toch bevestigd te worden in zijn negatieve gedachtegang. Deze vicieuze cirkel is voor de eerstverzorgende ouder heel moeilijk vol te houden zonder steun uit de directe omgeving.