Unificatie:

In de psychiatrie streeft men al jaren naar een exactere omschrijving van psychische stoornissen. Dat is de reden, dat er steeds meer stoornissen ontstaan (in 1947 waren dat 120 en nu bijna 400). Wij streven naar een unificatie, waardoor er juist minder stoornissen zijn. De overlap tussen de stoornissen is vaak groot, terwijl de behandelingen en medicatie niet afwijken. Het ene symptoom is vaak het gevolg van het andere symptoom, bijvoorbeeld PTSS gaat vaak gepaard met drank- en drugsgebruik die in het DSM IV apart staan vermeld. Als we er dus in slagen PTSS problemen te verminderen, zal drank- en drugsproblematiek eenvoudiger te verhelpen zijn. In onze hypothese is angst de grote drijfveer achter zowel PTSS als het BAS. In het DSM IV zijn angststoornissen een hoofdstuk apart. Als je dus angst op kunt lossen, valt de grond onder PTSS en BAS vandaan en onder vele andere stoornissen.

Uniforme aanpak:

De aanpak van het onderzoek naar de problemen van het BAS is gebouwd op een aantal pijlers. De punten die we kunnen beïnvloeden zijn vele. Alle beetjes verbetering helpen en dragen bij aan het grotere geheel. Er is niet zoiets al een algemene enkelvoudige oplossing voor een complex probleem als het BAS. Er bestaat geen "Silver bullet", geen panacee,  geen wondermiddel, geen medicijn voor de totale problematiek. Alleen een multidisciplinaire aanpak heeft de meeste kans op succes.